🚧 Deze website is nog in ontwikkeling. Bezoek voorlopig de oude site: gustor.be/nl

Open menu

Bart Vervaet Optiek Logo

Fazantensuprême – Filet van wilde Belgische fazant met vel

0/5 ( beoordelingen)

ProductPrijsAantal

Fazantensuprême is de fijne borstfilet van wilde fazant, met het vel en het eerste stukje van de vleugel nog intact. Het is een bijzonder mooi stuk echt wild uit de Belgische polders: mals en verfijnd, maar met duidelijk meer karakter dan gewoon gevogelte. De suprêmes worden per 2 stuks geleverd (= één dubbele filet) en zijn ideaal om kort aan te bakken en daarna zacht verder te garen. Zolang er voldoende verse aanvoer is, leveren we ze vers; anders kunnen ze diepgevroren geleverd worden.

Wat is een fazantensuprême?

Een suprême is een mooie uitsnijding van de fazantenborst waarbij de filet samen met het vel en het eerste stukje van de vleugel wordt uitgesneden.

Het vel is daarbij belangrijk. Tijdens het bakken geeft het smaak af en helpt het om het magere fazantenvlees sappig te houden. Mooi krokant gebakken zorgt het bovendien voor een heerlijk contrast met het fijne borstvlees.

Bij Gustor worden de fazantensuprêmes verkocht per 2 stuks, samen goed voor één dubbele filet. 

Hoe smaakt wilde fazantenfilet?

Fazant heeft een elegante en herkenbare wildsmaak zonder bijzonder krachtig te worden.

Het borstvlees is fijn van structuur en relatief mager. Vergeleken met gewoon gevogelte proef je duidelijk meer karakter, maar fazant blijft toegankelijk voor wie niet houdt van heel uitgesproken wildsmaken.

Klassieke combinaties zijn witlof, knolselder, pastinaak, boschampignons, spruitjes, appel, peer, druiven en veenbessen.

Hoe bereid je fazantensuprême?

Fazantensuprême is veel malser dan de bouten van de fazant en vraagt daarom geen lange bereiding.

Bak de suprêmes eerst op de velkant in een pan met een beetje olie en boter tot het vel mooi goudbruin en krokant is. Draai ze vervolgens om en bak de vleeskant kort aan.

Afhankelijk van de dikte kunt u ze daarna op een zachter vuur of kort in de oven verder laten garen.

Fazantenborst is mager vlees. Te lang bakken is dan ook de snelste manier om het droog te maken. Laat het vlees na de bereiding enkele minuten rusten voordat u het aansnijdt.

Vers of diepgevroren?

Wild volgt de natuur en de jacht, waardoor de verse aanvoer niet altijd voorspelbaar is.

Ze worden meestal  diepgevroren geleverd.  Ook omwille van de geringe verse houdbaarheid.

Fazantensuprême online kopen bij Gustor

Fazantensuprême is een uitstekende keuze voor wie de smaak van echte wilde fazant wil ontdekken zonder een volledige vogel te moeten bereiden.

U krijgt het fijnste en meest malse gedeelte van de fazant, terwijl het vel en het eerste stukje vleugel voor extra smaak zorgen.

De fazant is afkomstig uit België. (GUSTOR)

Veelgestelde vragen over fazantensuprême

Is fazantensuprême hetzelfde als fazantenfilet?

Het gaat om de borstfilet van de fazant, maar bij een suprême blijven het vel en het eerste stukje van de vleugel aan de filet. Dat maakt deze uitsnijding bijzonder geschikt om op het vel te bakken.

Hoeveel fazantensuprêmes zitten er in een verpakking?

De suprêmes worden per 2 stuks verkocht. Samen vormen ze één dubbele filet. (GUSTOR)

Moet ik fazantensuprême lang garen?

Nee. In tegenstelling tot de stevigere bouten is de borst bijzonder mals. Bak ze eerst mooi krokant op het vel en laat ze daarna slechts kort verder garen.

Welke saus past bij fazantenfilet?

Een lichte wildjus, saus met cognac of brandy, romige champignonsaus of een saus met druiven past uitstekend. Ook een klassieke combinatie met witlof werkt bijzonder goed.

 

 

Extra Productinformatie

allergenen

geen allergenen, geen bewaardmiddelen

ingrediënten

BEWARING: onder 6°C garandeert de vacuümverpakking een totale versheid van 4 dagen na ontvangst. In de diepvries kan je het vlees tot zes maanden bewaren.

koksmuts

Bereiding

RECEPT: Fazantensuprême met gekaramelliseerd witlof, knolseldercrème, boschampignons en fijne brandyjus

Een verfijnd wildgerecht waarin de delicate smaak van de fazant centraal blijft staan. Het licht bittere witlof, de zachte knolselder en aardse champignons vormen een mooie tegenhanger voor het fijne borstvlees.

Voor 2 personen

Bereiding: ± 50 minuten

Ingrediënten

Voor de fazantensuprêmes

  • 2 fazantensuprêmes

  • 20 g boter

  • 1 el neutrale olie

  • 2 takjes tijm

  • 1 gekneusd teentje knoflook

  • zwarte peper

  • grof zeezout

Voor de knolseldercrème

  • 300 g knolselder

  • 100 g bloemige aardappel

  • 25 g boter

  • 75 ml room

  • peper

  • zout

  • snufje nootmuskaat

Voor het witlof

  • 3 kleine stronken witlof

  • 20 g boter

  • 1 tl suiker

  • 50 ml gevogeltefond

  • peper en zout

Voor de boschampignons

  • 150 g gemengde boschampignons

  • 15 g boter

  • 1 kleine sjalot, fijngesneden

  • platte peterselie

  • peper en zout

Voor de brandyjus

  • 1 kleine sjalot, fijngesneden

  • 30 ml brandy of cognac

  • 150 ml gevogelte- of wildfond

  • 50 ml room

  • 1 tl rodebessengelei

  • 15 g ijskoude boter

  • peper en zout

1. Maak de knolseldercrème

Schil de knolselder en aardappel en snijd beide in kleine stukken.

Kook ze ongeveer 15 tot 20 minuten in licht gezouten water tot ze volledig gaar zijn.

Giet af en laat even uitdampen. Pureer samen met de boter en warme room tot een gladde crème.

Breng op smaak met peper, zout en een klein beetje nootmuskaat. Houd warm.

2. Karamelliseer het witlof

Snijd het witlof in de lengte doormidden.

Smelt de boter in een pan en leg het witlof met de snijkant naar beneden. Laat rustig goudbruin kleuren.

Bestrooi met een kleine hoeveelheid suiker, draai om en voeg de gevogeltefond toe.

Laat op een zacht vuur verder garen tot het witlof zacht is maar nog mooi zijn vorm behoudt. Kruid met peper en zout.

3. Bak de boschampignons

Maak de champignons schoon en snijd grotere exemplaren in stukken.

Verhit een pan goed heet, voeg de boter toe en bak de champignons op hoog vuur.

Voeg tegen het einde de fijngesneden sjalot toe. Kruid met peper en zout en werk af met wat fijngehakte platte peterselie.

4. Bak de fazantensuprêmes

Dep de suprêmes goed droog en kruid ze met peper en een beetje zout.

Verhit de olie in een pan en leg de suprêmes met de velkant naar beneden in de hete pan.

Laat enkele minuten rustig bakken tot het vel mooi goudbruin en krokant is.

Voeg boter, tijm en knoflook toe. Draai de suprêmes om en bak de vleeskant kort aan. Lepel ondertussen regelmatig de schuimende boter over het vlees.

Laat ze afhankelijk van hun dikte nog enkele minuten op een zachter vuur verder garen.

Haal uit de pan en laat 5 tot 8 minuten rusten.

5. Maak de brandyjus

Gebruik dezelfde pan waarin de fazant werd gebakken.

Fruit de fijngesneden sjalot kort in het achtergebleven braadvocht.

Blus met de brandy of cognac en laat grotendeels inkoken.

Voeg de gevogelte- of wildfond toe en laat inkoken tot de smaak voldoende geconcentreerd is.

Voeg de room en een theelepel rodebessengelei toe en laat nog enkele minuten heel zacht inkoken.

Proef en kruid met peper en eventueel wat zout.

Neem de pan van het vuur en klop er als laatste de ijskoude boter door.

6. Serveer

Lepel de knolseldercrème op warme borden en leg er het gekaramelliseerde witlof en de boschampignons naast.

Snijd de fazantensuprêmes eventueel schuin in mooie dikke plakken of serveer ze volledig.

Lepel een beetje brandyjus naast het vlees zodat het krokante vel mooi krokant blijft.

Gustor-tip

De borst is het fijnste en meest malse gedeelte van een wilde fazant, maar ook bijzonder mager. De grootste fout is daarom niet te weinig, maar te lang garen.

Bak eerst het vel mooi krokant, gaar het vlees vervolgens voorzichtig verder en gun de suprêmes enkele minuten rust. Zo blijft de fazant sappig en komt zijn verfijnde wildsmaak het mooist tot zijn recht.